De zinzoekers

Is geloven in God een voorbijgestreefde zaak, iets voor achterlijke mensen? Moeten we ons verstand op nul zetten om te kunnen geloven? Of is God de gans Andere die door ons niet te kennen is? Daarover gingen we in gesprek met Frederiek Depoortere.

Dag Frederiek, stel je zelf eens kort voor.

Ik ben Frederiek Depoortere, 37 jaar, geboren en getogen in Roeselare en gehuwd met Eva Vromman, godsdienstleerkracht in Barnum; Samen zijn we de ouders van Judith (12), Jakob (11), Amos (9) en Isaak (5). Ik studeerde Theologie en Religiewetenschappen aan de KU Leuven en ben er voltijds werkzaam als docent, studieloopbaanbegeleider en ombudspersoon. Ik geef o.m. het vak ‘Religie, zingeving en levensbeschouwing’ in Leuven, Brugge, Gent en Kortrijk. Mijn publiek bestaat vooral uit ingenieurs in spé en studenten wetenschappen. Het is een boeiende uitdaging om voor dat publiek over religie te spreken. In mijn wetenschappelijk onderzoek focus ik me momenteel vooral op twee thema’s: de dood en de andersheid van God.

Dat klinkt als een ver-van-mijn-bed-show, of toch niet?

De meeste van mijn studenten leven volledig los van God. Een minderheid omschrijft zich als religieus of spiritueel, maar de meerderheid is geen van beide. Zij denken over religie zoals de “nieuwe atheïsten” (Harris, Dawkins, Dennett, Hitchens). Voor hen is het geloof in God door de wetenschappen achterhaald, achterlijk zelfs en gevaarlijk. Al willen de meeste studenten religie en geloof nog tolereren in zoverre het een steun kan zijn voor mensen, maar dan wel liefst binnenskamers en zonder dat zij er in aanraking mee komen. Dat is in de samenleving niet anders. Denk maar aan de recente discussies over de uitzending van eucharistievieringen op tv of aan het verzet tegen uiterlijke tekenen die wijzen op een religieuze overtuiging.

Zitten er ook positieve kanten aan de vragen die de ‘nieuwe atheïsten’ oproepen?

Ja, toch wel. Dawkins omschrijft in zijn boek ‘God als misvatting’ de God van de Hebreeuwse Bijbel als het meest onaangename personage uit de wereldliteratuur. Hij heeft een punt. Zo is er in de Bijbel nogal wat geweld te vinden. Een opmerking zoals die van Dawkins dwingt ons om onze eigen bronnenteksten ernstiger te nemen. De lange tijd dominante godsopvatting in onze samenleving werd sterk beïnvloed door het Griekse filosofische denken. Het schept een beeld van God als een perfect wezen, almachtig, alwetend en algoed. Een God die ver boven ons uittorent en die alles in handen heeft. In de Bijbel ontmoeten we echter een heel andere God, een mensvormige God. Een God die emoties toont, die kwaad is, medelijden toont, liefheeft en nog zoveel meer. Een God die verandert in de tijd. Geen hoog verheven onbewogen beweger, maar een God die meegaat met zijn volk en samen met hen verandert. Sommige auteurs spreken zelfs over het verdwijnen van God in de Hebreeuwse Bijbel. God laat het handelen steeds meer aan mensen over.

Heeft God nog een toekomst in deze wereld?

Het filosofisch denken heeft ons overstelpt met een overschot aan zekerheden over God. God heeft mijns inziens maar toekomst als we die oude zekerheden durven loslaten en als we – zoals Jakob – het gevecht met God durven aangaan. Jakobs worsteling had  blijvende gevolgen, hij hield er een manke heup aan over. Maar ze keerde zijn leven ten goede, al was het maar dat Jakob zich eindelijk met zijn broer Esau durfde verzoenen.

Op dinsdag 27 februari werd dit gesprek verdergezet. Na een korte inleiding gingen tien mensen met elkaar in gesprek. Het is onze bedoeling om ook in de toekomst nog dergelijke initiatieven op te zetten. We houden u op de hoogte.